3 breuken is scheepsrecht

Deze keer een verhaal wat dichter bij huis; niet over de wereldse problematiek maar de probleempjes wat dichter bij huis. Letterlijk: 50 cm van huis … Nou lust mijn meisje wel eens een wijntje. En soms kijkt ze echt te diep in het glaasje. Op zich gebeurt dat iedereen wel eens maar mijn meisje begrijpt dan, op een of andere manier, niet dat je dan geen gekke dingen meer moet doen. Ze weet dan altijd de zaak weer uit te dagen en dat wil wel eens mis gaan. In de geschiedenis en deze Eerste Kerstdag. Maar voordat ik het verhaal van gisteren vertel even wat geschiedenis zodat je de context van 3 keer is scheepsrecht begrijpt:

Het moet ergens een dikke 20 jaar geleden zijn geweest toen we op de camping aan de Maas stonden. Elk voorseizoen zo’n 3 maanden, met de kinderen natuurlijk. Mijn meisje mocht graag naar de kantine gaan met haar vriendin die een vaste plek op deze camping had. Op een avond kwamen ze samen terug van de kantine toen mijn schattebout in een konijnenhol stapte. Ze zei nog redelijk luchtig tegen Eer: “Oeps, nou breek ik mijn been toch“. Ze krabbelde overeind en toen ze, behoorlijk in de olie en stijf van de adrenaline natuurlijk, gewicht op het bewuste been zette viel ze direct weer en zei tegen haar vriendin: “Verdorie, nou breek ik hem weer!“. Ze bulderde beide van het lachen maar mijn meisje kon niet meer overeind, dat was duidelijk.

Eri liep naar onze caravan en vertelde mij wat er loos was. Sorry, ik moest ook een beetje lachen en liep terug, pakte haar in de brandweergreep en bracht ze naar huis. Ik legde ze op bed en begon haar uit te kleden, natuurlijk eerst haar zware gegespte laarzen. “Voorzichtig!“, zei ze nog steeds schaterlachend, “Die is gebroken, 2 keer …“. We moesten nog harder lachen van die “2 keer”. Ja, schat … 2 keer…

Ik deed voorzichtig haar laars uit en ontdekte toen, tot mijn schrik, dat haar enkel er toch wel een beetje los “aanhing”. Niet goed, dat was duidelijk en voor mij was de lol over. “Hou mijn nek vast. We gaan de auto in en naar het ziekenhuis.“. Marielle wilde er niks van weten: “Nee, leg me nou maar in bed. Is morgen wel weer over.“. Ze verzette zich nog met 2 armen en één been. De volgende dag volgde een lange operatie en er werd een lange pin en diverse schroeven in haar pootje geplaatst. Het was een dubbele beenbreuk. Jawel … 2 keer … ONE DOWN.

Een paar jaar later, in 2006, kwamen we terug van een feestje in Schijndel. M had nog een halve fles Bacardi in de hand toen we door Aarle-Rixtel reden. “STOPPEN!“, gilde ze toen we bij de kerk kwamen. Ik zette de auto aan de kant, nog niet helemaal beseffend wat er was. Mijn liefje stapte uit en liep met de fles in de hand naar de poort van de begraafplaats. Ik liep haar achterna en vroeg wat ze ging doen. Alsof het de normaalste zaak van de wereld was riep ze terug: “Ik ga deze fles leegmaken met Wilma.“.

Maar de poort was op slot dus besloot ze over het muurtje te klimmen. Aangekomen bij het graf van Wilma ging ze voor de hoop zand zitten. De steen was nog niet geplaatst maar we wisten waar we haar een paar dagen eerder hadden neergelegd, tezamen met zo’n beetje half motorrijdend Nederland. Ze dronk een flinke slok en schudde de rest leeg over het graf. Na nog een zatte groet krabbelde ze weer overeind en liep terug.

Het muurtje was niet zo hoog dus ze gooide zichzelf er vlot overheen. Ze was echter vergeten dat de andere kant een stuk hoger was. Ik wilde haar nog vangen maar het was te laat. “Fuck, nou breek ik weer een poot“, hoorde ik haar nog lachend zeggen. Tja, nu nam ik het wel serieus en zette haar in de auto. Op naar het ziekenhuis. “NEE, ik moet eerst naar huis!“. Huh? Met een gebroken poot? “IK MOET EERST NAAR HUIS!” hoorde ik op harde en vastberaden toon. Ok, na ruim 20 jaar weet je wanneer je je vrouw niet tegen moet spreken.

Thuisgekomen huppelde ze uit de auto, ging op haar bips de trap op en kwam op dezelfde manier weer omlaag. Wat was er nou zo belangrijk? Ze fluisterde in mijn oor: “Ik had geen onderbroek aan …“. Lang verhaal kort: Naar het Elkerliek, foto’s, gips er om, en weer naar huis. TWO DOWN.

Gisteren kwamen we in de avond terug van de Opper Rebel alwaar we een speed-gourmet hadden genoten. De drankjes echter duurden wat langer en mijn meisje had zelf 2 flessen van haar favoriete wijn meegenomen. Ik hoef niet uit te leggen, denk ik, dat het een vrolijke terugreis was.

Thuis aangekomen haalde ik de hond en het restant van het kratje uit de auto en liep alvast naar binnen. Ik moest pissen als een reiger dus even een pitstop. Ik hoorde Marielle vragen vanuit de keuken: “Kun je even komen, ik bloei.“. Kommeran, ff afknijpen. “Maar ik bloei!” zei ze nog iets harder terwijl ik van mijn zetel kwam. Aangekomen in de keuken trof ik een bloedbad aan. Een duidelijk spoor leidde naar de deur.

Ze wilde blijkbaar het gourmet-stel en haar overgebleven wijn nog meenemen uit de auto en probeerde zo, de 3 treden van het trapje te nemen. Fles kapot en haar onderarm moet in een glasscherf zijn gevallen, zo leek het. Zo goed en vooral snel als ik kon stelpte ik het bloeden en verbond de wond. Hier overheen deed ik wat drukverband om er zeker van te zijn. Er kwam geen bloed meer doorheen en Marielle ging alweer aan de gang met opruimen.

Zullen we nog even naar het ziekenhuis gaan? Die wond zag er lelijk uit. “Neeje, is morgen weer over.” klonk het vertrouwd. Maar volgende ochtend was elke functie van haar arm verdwenen. Er was slechts pijn voor in de plaats gekomen. Nu was de weg naar de arts iets langer: Huisartsenpost gebeld, 2 uur wachten op terugbellen, 5 uur afspraak op de huisartsenpost. Daar werd de wond alsnog gehecht.

Nog even wachten op de röntgen, foto’s maken, arts erbij en ja hoor: Gebroken. THREE DOWN! Ons kerstfeest 2023 werd afgesloten met het motto: Bloed moet en een breuk is leuk! Mijn gebruikelijke onderschrift luid vandaag iets anders omdat ik een ander advies mee wil geven:

Hou je dronken vrouw in het oog!

DOWNLOAD DIT BLOG ALS PDF BESTAND

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized met de tags , , , . Bookmark de permalink.