De letter en de geest van de wet.

GerechtigheidIk krijg altijd een heleboel reacties op mijn blog. Niet alleen van medestanders maar ook van juristen en soms zelfs van politieagenten. Soms ontstaat er dan ook een leuke en interessante discussie met input van alle invalshoeken.

Vanavond kreeg ik en reactie van een opsporingsambtenaar. Hij schreef: “vorderen ID kan zover ik weet bij ‘enig strafbaar feit“.

Dat is een leuke insteek want dit is dus de blauwe insteek van de letter van de wet. “Een ambtenaar van politie die is aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, is bevoegd tot het vorderen van inzage van een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht van personen, voor zover dat redelijkerwijs noodzakelijk is voor de uitvoering van de politietaak.”.

Deze man vertelde me dus dat, in zijn visie, hij een ID mag vorderen wanneer hij de verdenking van een strafbaar feit heeft; elk strafbaar feit dus niet alleen een misdrijf maar ook alle overtredingen. Dat is hem zo geleerd.

Mijn interpretatie van “voor zover dat redelijkerwijs noodzakelijk is voor de uitvoering van de politietaak” is toch iets anders en denk daarbij aan de geest waarmee deze wetgeving is geschreven. Indien een politieambtenaar een strafbaar feit vaststelt en besluit een sanctie hier aan te koppelen moet hij de identiteit van deze overtreder kunnen vaststellen om de sanctie juist uit te delen. Dat lijkt mij duidelijk. Maar zolang de ambtenaar niet besloten heeft een sanctie uit te voeren is er geen sprake van “redelijkerwijs noodzakelijk voor de uitvoering van de politietaak“.

Daar zit het verschil tussen de letter en de geest van de wet. Dat gaat ook mijn verweer worden in deze casus. Omdat onomstotelijk is gebleken dat ik niet ben beboet voor enig feit voorafgaand aan de vordering ID is mijns inziens de noodzakelijkheid van de vordering voor de uitvoering van de taak van de baan.

Deze distinctie is exact het verschil tussen een werkbare wet op de identificatieplicht en de beruchte “ausweis bitte”.

Geplaatst in Uncategorized | Reacties uitgeschakeld voor De letter en de geest van de wet.

Het wordt persoonlijk (vervolg).

Nieuwenhuizen

Eerder schreef ik in dit blog al over het onbegrijpelijke optreden van de politie op 26 september jl : Het wordt persoonlijk. Ik deed daarop aangifte van ambtsmisbruik / machtsmisbruik en dit is een strafbaar feit en een MISDRIJF ( artikel 365 WvS ).Vandaag kreeg ik van de Hoofdofficier van Justitie te s-‘Hertogenbosch mr Nieuwenhuizen een brief waarin hij uitlegt dat deze kwestie niet verder vervolgd wordt. de brief bestaat uit een aaneenschakeling van artikelen in een poging recht te maken wat krom is.

Mr. Nieuwenhuizen begint dat er sprake is van artikel 429 WvS lid 1 en daardoor hadden agenten volgens artikel 55 lid 2 sv het recht om mijn tuin te betreden. Vervolgens werd mijn ID gevorderd en door weigering ontstond verdenking 447e WvS. Hierdoor was het gerechtvaardigd mij aan te houden.

Ik heb direct gereageerd met een verzoek aan het Gerechtshof in een poging het OM te dwingen alsnog tot strafvervolging over te gaan, de zogenaamde artikel 12 procedure. Ik wilde jullie de tekst van mijn verzoek niet onthouden:

Helmond, 17 december 2014

Edelgrootachtbare Heer / Vrouwe,

Op 3 oktober 2014 hebben wij bij de politie aangifte gedaan van machtsmisbruik / ambtsmisbruik tegen 2 agenten van politie. Gemeld strafbaar feit wordt door de Hoofdofficier van justitie te ‘s-Hertogenbosch niet (verder) vervolgd. Hierover willen wij ons beklag doen in de zin van artikel 12 Sv.

In het sepotbericht staan allereerst een aantal onjuistheden: Indien er sprake is van “verdenking” artikel 429 lid 1 WvS dan kan vervolgens artikel 55 sv niet van toepassing zijn. Artikel 55 strafvordering spreekt duidelijk van “ontdekking op heeter daad van een misdrijf” en artikel 429 WvS is geen misdrijf maar een overtreding (derde boek).

Daarbij is de verdenking van de overtreding 429 WvS zeer overdreven. Het betreft hier een zeer solide tuinhaard van steen met een schoorsteen van steen, 2,60 meter hoog, afgedekt met een zogenaamde gek. Voor de haard stond een “vonkenvanger”. Iedereen kan direct vaststellen dat deze situatie extreem veilig te noemen is. Deze situatie is ook niet in strijd met de ter plekke geldende apv ( artikel 5.5.1 lid 2.b. ).

Verder is hier een fout in de volgorde: op het moment dat de agenten de tuin betraden was er geen sprake van een “aanhouding van een verdachte” zoals artikel 55 sv voorschrijft. Toen de agenten, door meerdere personen, verzocht werden de tuin te verlaten omdat zij hiervoor geen grond hadden, was er een gesprek gaande over koetjes en kalfjes. Sterker nog: een agent liep de tuin in en vroeg naar een aantal lege wietzakjes. Pas lang hierna werd een ID gevorderd, zonder opgaaf van reden, en geweigerd waardoor er, volgens de agenten, een reden van aanhouding ontstond. Artikel 55 sv spreekt, zowel in lid 1 als in lid 2, zeer duidelijk over “ter aanhouding van den verdachte” en ten tijde van de betreding van de tuin was hiervan geen enkele sprake.

Zelfs al is de reden van aanhouding artikel 447.e WvS dan is er wederom geen sprake van een misdrijf maar van een overtreding en is artikel 55 sv NIET van toepassing.

Ook de Politiewet artikel 8 lid 1 vermeld “voor zover dat redelijkerwijs noodzakelijk is voor de uitvoering van de politietaak”. Op dat moment was ook hiervan geen enkele sprake. Een gesprek met buurtbewoners over koetjes, kalfjes en wietzakjes brengt niet de noodzakelijkheid met zich mee die beschreven staat in de politiewet. Er was slechts sprake van nieuwsgierigheid of zelfs een aanleiding zoeken die weer een aanleiding kan vormen voor aanhouding.

Daarbij mag de burger van de politie enige duidelijkheid verwachten in het optreden. Omdat de agenten geen enkele reden aangaven waarom ze dit ID vorderde, zelfs niet toen hier herhaaldelijk om gevraagd werd, ontbreekt ook enige duidelijkheid. Dienstdoende verbalisanten zouden een geldige reden voor vordering ID hebben gehad als ze bijvoorbeeld een boete / verbaal wilden uitschrijven. Hiervan was én is echter geen sprake. Wij hebben slechts strafbeschikkingen ontvangen omtrent het weigeren ID en verzet bij arrestatie.

Niet vergeten mag worden dat wij ons bevonden in onze eigen tuin aan ons eigen huis. De vraag mag gesteld worden of een burger, in eigen tuin of huis, een ID bij zich moet dragen. Tevens is er voor het vorderen van een ID in eigen tuin of huis mijns inziens een gewichtige reden nodig. Deze reden ontbrak op dat moment en is ook zeker niet kenbaar gemaakt.

Tenslotte dient opgemerkt te worden dat wij vele bewijsmiddelen hebben overlegd waaronder filmbeelden waar het optreden van de agenten op vastgelegd is. Deze filmbeelden hebben voor veel opschudding gezorgd. Vele burgers hebben zeer verontwaardigd gereageerd op de beelden. Het is dan ook zeer voorbarig van het OM deze aangifte te seponeren en het zou het OM sieren om deze casus juist voor te leggen aan de rechtbank om een onafhankelijk oordeel en precedent te scheppen. Het op deze wijze, met opsomming van artikelen, afdoen van een serieuze aangifte geeft de schijn van een “verdediging” van de verdachten waartegen de aangifte is gedaan.

Mocht het Gerechtshof willen beschikken over deze filmbeelden, voor zover deze niet zullen worden ingebracht door het OM, dan zijn wij, bij eerste verzoek, bereid deze te overleggen.

Al met al is er ons inziens wel degelijk sprake van ambtsmisbruik / machtsmisbruik en zijn betrokken agenten ver buiten hun boekje gegaan. Wij zouden ook graag zien dat het gerechtshof deze casus terug verwijst naar het OM voor vervolging.

In afwachting van uw oordeel verblijft,

Met de meeste hoogachting,

Joseph Raaijmakers

Wordt vervolgd …………. > VERVOLG

Verwijzingen artikelen ( bron wetten.overheid.nl )

Artikel 429 Wetboek van Strafrecht: Met hechtenis van ten hoogste veertien dagen of geldboete van de tweede categorie wordt gestraft: lid 1: hij die een vuurwapen afschiet, een vuurwerk ontsteekt of een vuur aanlegt, voedt of onderhoudt op zo korte afstand van gebouwen of goederen, dat daardoor brandgevaar kan ontstaan; ( Derde Boek = Overtreding )

Artikel 447e Wetboek van Strafrecht: Hij die niet voldoet aan de verplichting om een identiteitsbewijs ter inzage aan te bieden of … … wordt gestraft met geldboete van de tweede categorie. ( Derde Boek = Overtreding )

Artikel 55 Wetboek van Strafvordering: lid 1. In geval van ontdekking op heeter daad van een misdrijf kan ieder, ter aanhouding van den verdachte, elke plaats betreden, met uitzondering van een woning zonder toestemming van de bewoner en van de plaatsen, genoemd in artikel 12 van de Algemene wet op het binnentreden (Stb. 1994, 572). lid 2. Zoowel in geval van ontdekking op heeter daad als buiten dat geval kan iedere opsporingsambtenaar, ter aanhouding van den verdachte, elke plaats betreden.

Verbod vuur te stoken Artikel 5.5.1 APV Helmond lid 1: Het is verboden in de openlucht afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen in de zin van de Wet milieubeheer of anderszins vuur aan te leggen, te stoken of te hebben. lid 2: Het verbod geldt niet voor over het betreft: onder b: sfeervuren zoals terrashaarden en vuurkorven, indien geen afvalstoffen worden verbrand;

Artikel 8 Politiewet: lid 1: Een ambtenaar van politie die is aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, is bevoegd tot het vorderen van inzage van een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht van personen, voor zover dat redelijkerwijs noodzakelijk is voor de uitvoering van de politietaak.

Geplaatst in Het wordt persoonlijk | Reacties uitgeschakeld voor Het wordt persoonlijk (vervolg).

Motorcafé de Put

NoColors

Zondagmiddag en de zon dreigt door te komen. Niet echt warm maar geen vocht dus redelijk motorweer. Nu nog een doel. Plotseling weet ik het: ik ga een kijkje nemen bij Motorcafé de Put in Drimmelen. Deze week kwam op Facebook voorbij dat we daar niet meer welkom zijn. Eerst even internet afspeuren of er ergens een verordening was afgekondigd maar dat blijkt, zoals gewoonlijk, niet het geval. Dan maar even zelf op onderzoek uit.

De lange onderbroek en dikke leren jas zijn snel gevonden en rond 13:00 zit ik op de motor. Blijkt al snel dat ik redelijk “overdressed” ben want het zweet loopt me over mijn rug. Is tenslotte ook bijna 4 graden 🙂

20141214_161255

Rond 14:00 ben ik ter plekke, samen met een broer en bijna broer uit Breda. Op de deur prijkt inderdaad dezelfde plaat als op Facebook maar rechts daarvan is duidelijk een sticker zichtbaar waaruit ik opmaak dat ik WEL welkom ben: “NEE, GEEN CRIMINEEL, JA, WEL BIKER”. Duidelijk een kroegje voor mij dus.

Een bakkie koffie is snel geregeld en we kijken onze ogen uit. Het hele kroegje hangt vol met Harley Davidson prularia en dat doet gezellig aan. Ook binnen hangt eenzelfde plaat en ik kan het niet laten om een plaatje te schieten:

20141214_144135

Maar zelfs nadat we overduidelijk de draak aan het steken waren met het lokale “verbod” reageert de lieftallige dame achter de bar niet. Ik besluit er zelf maar over te beginnen:

“We zien dat we hier niet welkom zijn maar kun je misschien vertellen waarom?”. Ze glimlacht en vertelt dat ze een brief hebben gehad van de gemeente. Hierin staat vermeld dat de gemeente op geen enkele manier een MC mag “faciliteren” en dat de gemeente geen MC colors meer wil zien in het kroegje. Ze moeten dit ophangen van de gemeente.

Ik vertel dat ik er toch akelige associaties mee heb:

Ongewenst

Ze lijkt het niet helemaal te begrijpen. Ze verteld dat dit kroegje eigenlijk onderdeel is van de sporthal en de bijbehorende kantine. Het hele pand is van de gemeente en die willen dat blijkbaar niet hebben. Dat maakt in ieder geval de kwestie een stuk eenvoudiger. In ieder geval kan de gemeente het niet afschuiven op een horeca-ondernemer.

Ik vraag haar vriendelijk of ik een kopie van die brief mag hebben maar die weet ze helaas niet te liggen. Ze vraagt het na en ik laat mijn E-mail achter. Daarna ga ik voor de raam zitten met mijn rug naar buiten gekeerd. De sterke arm komt met regelmaat voorbij dus  wellicht spreken ze me aan op mijn aanwezigheid. Vandaag zijn de dienders echter stekeblind of het interesseert ze niet want hoewel ze nog diverse keren voorbij rijden en duidelijk naar binnen kijken willen ze niet stoppen om te “handhaven”.

Och, intussen zijn de jongens van HDC Dongen ook binnen en het is gewoon gezellig. We praten even de huidige problematiek maar al vlug gaat het over op de gebruikelijke biker-onderwerpen: Bier, Harley’s en tieten. Al met al een gezellige middag en ook hier wordt de soep niet zo heet gegeten als opgediend.

Geplaatst in MotorClub's | 2 reacties

Wie zelf richtlijnen opstelt mag daar ook van afwijken.

IvoOpsteltenVandaag even gebeld met het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Ik wilde graag weten wat de status is van onze artikel 12 procedure (beklag bij geen vervolging) t.a.v. van onze aangifte smaad / laster tegen onze minister ( 14 juli 2014). Men legde me geduldig uit dat deze procedures gemiddeld 9 maanden in beslag nemen. Werkelijk? 9 maanden? In die tijd kunnen mensen een kind maken en ter wereld brengen.

Dat is de tijd waarbinnen de rechterlijke macht een zaak “gaat bekijken”. Hoe moet een burger dan zaken aanpakken? Politici zitten mogelijk maar 4 jaar op een plek. In acht genomen dat het enige inwerktijd nodig heeft voordat er werkelijk iets gebeurd is hetJozias eenvoudig om de gevolgen af te houden tot je weer weg bent.

Ook de zaak rondom Veteranendag Den Haag gaat zeer traag. Eindelijk een zitting op 21 januari bij de bestuursrechter. Daar zijn we ook al een slordige 7 maanden mee bezig. Met een beetje pech is ook Jozias van Aartsen alweer weg tegen de tijd dat de geleerden hier een oordeel over hebben.

CarryAbbenhues

Maar het kan erger: de zaak TT Assen tegen de Burgemeester van Assen staat nog niet eens op de rol. Wel heb ik daar de nota griffierecht al van ontvangen, nog voordat een zitting geplanned is. Mooi he? Even aftikken. Kan ik daar uit concluderen dat de zaak wel ontvankelijk is bevonden? Of mag ik die conclusie niet trekken?

IkkeOndertussen worden we gewoon dagelijks als “zware criminelen”, outlaws oftewel “wettelozen” en een gevaar voor onze maatschappij neergezet. Alle media mag, dag in dag uit, de teksten opgemaakt en verspreid door politie en OM herhalen. Als de media elke dag één leugen uit de stukken van het RIEC als een papegaai de wereld in roeptoetert dan zouden we inmiddels al meer als 700 leugens verder zijn. Maar helaas gebeurt dat meerdere keren per dag dus de leugens lopen al in de duizenden.

Nog altijd willen wij, middels de wegen die onze rechtstaat hiertoe heeft aangewezen, hier verweer tegen voeren. Nog altijd zijn we strijdbaar en blijven we vol goede moed. Zoals onze minister zegt: “ wie niks te verbergen heeft, heeft ook niets te vrezen.“. Maar is dat wel zo? Bewijst onze case niet het tegendeel?

OpsteltenTeeven

Op 22 november 2012 schreef onze minister: “Mijn ambitie voor het aangifteproces is dat burgers en ondernemers niet alleen weten waar en wanneer ze aangifte kunnen doen, maar ook dat ze er op kunnen vertrouwen dat als hun aangifte wordt opgenomen deze ook daadwerkelijk wordt opgepakt danwel dat snel duidelijk is dat er geen opvolging mogelijk is. En dat ze precies weten wanneer ze weer wat horen en wie hun aanspreekpunt is” (bron rijksoverheid.nl). Verderop is te lezen dat met “snel” een termijn van maximaal 2 weken bedoeld wordt. Onze minister verteld er niet bij dat dit niet geld als het hem betreft. Niet in dit stuk tenminste. Maar in de kamer zegt ie het wel: “Wie zelf richtlijnen opstelt mag daar ook van afwijken.” (citaat kamerstukken).

Geplaatst in MotorClub's | Reacties uitgeschakeld voor Wie zelf richtlijnen opstelt mag daar ook van afwijken.